Deel 1: Malik en de hematoom

Ik was pas net een week overtijd toen ik op de wc nietsvermoedend tussen mijn benen door keek tijdens het plassen (ja, dat doe ik weleens als ik plas) en heel veel bloed zag. “Neeeeeeeeeeeeee!” schreeuwde ik over de gang op kantoor, “niet weer!” Ik weet het: ik kan soms wat over-dramatisch reageren.

Ik belde mijn collega. Het eerste nummer wat mij te binnen schoot. Ze stond binnen 1 minuut in mijn kantoor. Ze trommelde mijn man op die ook op de ambassade aan het werk was. Het liefst had ik m’n moedertje gebeld maar dat kon niet door het tijdsverschil. We gingen direct naar de E.R. Dit was vast weer een miskraam. Kon niet anders.

Op de echo was direct een grote hematoom te zien. Een bloedprop van 7 bij 6 cm tussen de baarmoederwand en de vruchtzak. Maar wat wij niet verwacht hadden: er was ook een hartslagje zichtbaar! De prognoses waren niet positief. De bloedprop kon elk moment loslaten en op zijn weg naar buiten de vrucht meenemen. Bedrust was het advies.

Ik was nog maar zes weken zwanger en lag plat op bed. Het bloeden ging door en ik was constant bang voor een miskraam. We kregen wekelijks een echo. De bloedprop slonk niet, het hartje klopte door. Maar met het groeien van mijn baarmoeder namen de risico’s toe.

Op de plek van de hematoom was de vruchtzak verzwakt. Als de druk groter werd dan zou de vruchtzak kunnen knappen. Dan zouden we het kindje verliezen. Een exacte herhaling van wat er een half jaar eerder ook al was gebeurd. De artsen hadden toen gezegd dat het domme pech was. Dat het ons niet nogmaals zou overkomen.

Ons doel: 25 weken zwangerschap. Als de baby dan geboren zou worden, was er een kans op overleven. Regelmatig waren de bloedingen zo heftig dat we met spoed naar het ziekenhuis reden. De spanning die je voelt als de gynaecoloog naar de hartslag zoekt is bijna ondraaglijk. Seconden lijken dan werkelijk minuten.

Ik probeerde mij niet te veel aan de baby te hechten. Bang dat ik ook dit kindje zou verliezen. Maar ik hield mijzelf voor de gek. Natuurlijk kan dat helemaal niet. Je houdt van je kind. Je weet dat zoiets kleins uit kan groeien tot een echt mens. Een kindje met een eigen karakter en uniek uiterlijk. Een wonder in wording. Daar moet je wel van houden.

De weken gingen voorbij en ik verveelde mij stierlijk. Gelukkig had ik wel extra tijd met mijn oudste zoon die op dat moment drie jaar oud was. Toch was het ook eenzaam. Geen familie om ons heen. De angst dat het mis zou gaan. Ik hield de klok in de gaten: was het al ochtend in Nederland? Dan belde ik mijn moeder. Of mijn zus.

Het bezoek aan de gynaecoloog was altijd weer een lichtpuntje. Het was erg spannend maar ik voelde mij welkom daar. Een opgewekte über-positieve dokter die met een glimlach zei: “How are you doing? You look so amazing! Just wonderful. So good to see you!” Daar werd ik vrolijk van. Want ik geloofde de beste man.

De weken kropen voorbij en mijn vechter hield vol. Hij trok zich niks aan van zijn ‘roommate’ en groeide en bloeide in de buik. De hematoom wilde echter niet slinken. Toen de dokter aangaf dat ik aan de medicijnen moest, schrok ik: liever niet! De hele week visualiseerde ik dat de hematoom aan het slinken was.

Bij de volgende controle konden we onze ogen niet geloven. Uit de reactie van de dokter konden we opmaken dat ook hij dit wonderbaarlijk vond: de bloedprop was weg! Helemaal weg! Een stap in de goede richting. Maar we waren er nog niet.

Rondlopen met het idee dat je vliezen elk moment kunnen breken is best traumatisch. Ik controleer zelfs nu af en toe nog of m’n onderbroek vochtig is. Niet omdat ik last heb van stress incontinentie (hatsjie..hè bah) maar omdat het een automatisme is geworden. Soms -in een split second- schiet de schrik mij om het hart. Totdat ik mij realiseer dat ik helemaal niet zwanger ben.

Toen we de 26 weken gepasseerd waren werd ik wat rustiger. De baby had nu goede kansen. Ik wilde graag in Nederland bevallen. Dat kwam ook perfect uit omdat we op het punt stonden te verhuizen naar Syrië. Dat bevallen kon dus mooi tussendoor even. De container was al besteld en de verhuizing gepland.

Maar bij de wekelijkse controle was er ineens een nieuwe complicatie: te veel vruchtwater. Nog meer druk op de toch al zwakke vruchtzak. Vliegen was geen optie meer. Wat? Moest ik dan toch in Amerika bevallen? In een leeg huis? Nee. Ik moest en zou vliegen. We besloten het nog een week aan te kijken.

Een week later had ik alleen maar meer vruchtwater en liep ik met een joekel van een buik rond. De baby zwom lekker rond en trapte mijn ribben beurs. Als ik echt moest vliegen, dan moest het nu. Nu, als in vandaag of morgen. Ik moest ook even een formulier onderteken waarin ik verklaarde dat de arts niet aansprakelijk was als er een tussenlanding gemaakt moest worden.

Hij sloot af met de woorden: “Call me when you get there. Keep this baby inside you!” Niet echt relaxed vliegen dus. De volgende dag vertrok ik hals over kop naar Nederland. Manlief bleef achter om de verhuizing te regelen. Best relaxed eigenlijk.

In Nederland kon ik mij eindelijk ontspannen. Was het niet dat Malik in alle mogelijke houdingen bleef draaien door de hoeveelheid zwembadwater. Twee pogingen om hem te draaien en de bevalling in te leiden liepen op niks uit. Ik hoopte stiekem op een keizersnede. Totdat op een nacht de flits bevalling werd ingezet. Hoe dat verliep lees je in deel 2: Geef mij een ruggenprik, NU! (Zet dat maar uit je hoofd. In tegenstelling tot in Amerika moet je er hier om smeken. Althans: in 2009.)

Malik is een bijzonder kind. Een vechter! Zoals hij zich in de buik manifesteerde zo is hij nu nog. Niet kleinzerig. Een doorzetter. Een vechter. Soms zit hij met zichzelf in de knoop. Maar hij red zich altijd. Ik heb een bijzondere band met hem. Schuldgevoel speelt daarbij een belangrijke rol. Sinds hij geboren is voel ik mij schuldig naar hem toe. Heb ik hem genoeg veiligheid geboden in mijn lijf? Heeft hij al de stress en onrust gevoeld? Heeft hem dat gevormd? Heb ik hem genoeg aandacht gegeven toen ik -10 weken na de bevalling- weer full time moest werken?

Morgen wordt hij 5 jaar en het hele avontuur begint te slijten. Toch wilde ik het een keer opschrijven. Niet omdat ik bang ben dat ik het vergeet maar voor Malik. Omdat hij speciaal is in alle opzichten. Wat wij samen hebben doorgemaakt was spannend maar ook zo waardevol! Ik hoop dat hij zijn hele leven zal blijven vechten. Dan komt hij er wel.

Write a comment